Dit schilderij van de Belgische kunstenaar Henri de Cocker toont een expressief tafereel van twee figuren, gekenmerkt door een krachtige penseelvoering en een aards kleurenpalet. Het werk illustreert de kenmerkende stijl van De Cocker, waarbij de nadruk ligt op vorm en sfeer in plaats van gedetailleerde weergave.
Het kunstwerk is uitgevoerd in olieverf op doek en wordt gepresenteerd in een klassieke houten lijst met een donkergroene fluwelen inleg en zilverkleurige accenten. De compositie wordt gedomineerd door warme bruin-, oker- en groentinten, met subtiele rode details die de aandacht trekken. Het schilderij is linksonder gesigneerd door de kunstenaar.
Het werk verkeert in een vintage staat passend bij de leeftijd met helaas enkele beschadigingen op de lijst en een plekje op het doek. De verflaag toont karakteristieke textuur en de originele lijst draagt bij aan de authentieke uitstraling van het geheel.
Henri de cocker (1908-1978) was een schilder die destijds al zijn tijd vooruit was. In 1942 hield hij zijn eerste tentoonstelling in zaal Pan te Gent. Tot 1948 schilderde hij in expressionistische stijl. Verblijven in Parijs in 1948 en later brachten een kentering naar een lichtere periode die duurde tot 1952. Een reis door Spanje in 1953 resulteerde in een reeks werken met surreële en soms poëtische inslag. Nadien volgde een abstracte periode: kubisme, collages, madonna’s en vlekkencomposities, het tachisme - ook hier evolueerde hij van donker naar lichter. In 1960 won hij de prijs van de kunstkritiek met zijn tentoonstelling van abstracte werken in de galerij “Le Zodiaque“ te Brussel. Vanaf 1963 inspireerde hij zich opnieuw op het plattelandsleven en werd hij opnieuw de expressionist van het landschap. Vanaf 1970 volgde fauvistisch werk.
In 1978 overleed hij toen hij als fietser werd aangereden door een vrachtwagen.